(Ex-)Pat in Perth, Australia

 

 

De tranen vloeien uiteindelijk rijkelijk bij mijn moeder.

“Voelt het nu alsof je emigreert?”, probeert Martine nog.

Nee, het voelt niet alsof ik de laatste passen in Nederland aan het zetten ben. Er is een open gevoel, een soort Niets, maar dan een aardig Niets, een nieuwsgierig makend Niets. Ik schuifel met open armen richting Australië, alsof er me enkel geluk te wachten staat. Of is het juist te weinig besef wat er allemaal gebeurt? Is de gebeurtenis te groot, te aangrijpend om het te kunnen vatten en bepanser ik me om het allemaal te kunnen doorstaan. Dan komt de klap waarschijnlijk over twee dagen, zoals altijd.

Ik probeer me wakker te schudden, probeer me duidelijk te maken dat ik toch echt weg ga. Weg van Nederland, weg van familie, van vrienden, die ik juist zoveel gezien had de laatste weken. Maar waar is dat gevoel van heimwee dan? Dat gebroken hart, die in tweëen gedeelde ziel? Niets van dat al, er zijn slechts grote naieve kinderoger, slechts zin om opnieuw te beginnen, nieuwe keuzes te bepalen, en iets groots en meeslepends te ontdekken.

 

De reis verloopt voorspoedig. Dat wil zeggen nadat ik me in allereli bochten heb moeten wringen om mijn laatste stommiteit in Nederland ongedaan te maken. Ik heb me volledig vergist en het aantal kilo’s dat ik mee zal nemen op deze vlucht. Twee koffers en een fietskoffer: hoe zwaar kan het zijn? Ik heb mijn unaccompanied luggage er voor opgegeven. Kon ik tenminste nog een keer fietsen op zaterdag. Helaas is dat door algehele brakheid niet gelukt en heb ik voor niets mijn fiets nog even in Groningen gehouden. Op het vliegveld blijkt de fietskoffer 32,4kg te wegen. Volgens de arbowet mag een werknemer slechts koffers van maximaal 32kg tillen. Mijn koffers zitten overvol, er kan echt geen 4 ons aan kleren of aan fietspomp meer bij. Maar zorgwekkender is wat ik per kilo moet gaan betalen omdat ik over mijn maximum zit. Drie en zestig euro per kilo. Aangezien ik met mijn andere koffers al op het maximum zit lijkt dit geintje me 1700 euro te gaan kosten. De koffer hier laten is ook geen optie. Daarnaast is er niemand om de koffer aan te geven: mijn moeder en zus komen met de trein. Na overleg met Malaysian Airlines is duidelijk dat de goedkoopste oplossing is om ‘m met een vrachtvliegtuig te laten mee gaan. Dit grapje kost me 300 euro, maar een andere oplossing is er domweg niet. Terug bij de incheck balie blijken mijn overige koffers nog steeds 5 kilo te zwaar. Vijf keer drie-en-zestig is nog eens 300 euro. Maar als de Malaysian Airlines erachter komt dat ik nog steeds te veel bagage bij me heb, strijken ze met de hand over het hart.

Dit was dom, heel erg dom.

 

Om 11:45 beland ik op de ‘1ste etage’ in het vliegtuig. Ik word onthaald met champagne, en ben al bedremmeld door al dit wereldvreemde gebeuren. Naast me zit Inneke, zakenvrouw in het uiterlijke design. Ze is op pad voor het ministerie van Ontwikkelingssamenwerking. Ze brengt haar kennis over aan o.a. hoteleigenaren, en werkgevers die in de toerismebranche werkzaam zijn. Het is goed dat Nederland dit soort kennis ter beschikking stelt. En goed dat Inneke die deelt, in haar eigen tijd. Maar het brengt ook met zich mee dat het budget van het ministerie gebruikt wordt om deze experts naar verre oorden te vliegen. En omdat het meer dan 10 uur vliegen is, is dat business class. In verband met de gezondheid heel begrijpelijk, maar het kost wel veel geld. Ik wil niet weten wat het percentage overheadkosten is van al die ministeries.

Het personeel noemt me bij naam, en de stoel kan inderdaad bijna plat. Alleen is ie niet lang genoeg, dus slapen lukt nauwelijks. Ik zet de tijd direct op Maleisische tijd (+7). Dus dat wordt eten, filmpje kijken, en naar bed. Ik doe direct mijn lenzen uit: wie weet slaap ik wel de hele nacht! Maar om middernacht word ik wakker en half wakker heb ik de wildste innovatie denkbeelden, wat betreft alternatieve energiebronnen, bijna pure fantasie. Daarna komt er van slapen nauwelijks meer iets. Ik kijk naar buiten en zie duizenden sterren, maar zonder lenzen allemaal even onscherp. Wel zie ik de Grote Beer op zijn kant: ik vlieg richting de evenaar en dit is het begin van de draaiing van de sterrenhemel.

Ik kijk alle filmen achterelkaar. De animatie Wall-E is bevreemdend daar het over een ruimteschip gaat, ver van huis. Met het zachte gesuis om me heen, uren achterelkaar voelt het wel als een ruimtereis. Alle mensen in het ruimteschip worden het hele tijd bezig gehouden in hun luie stoel, elke dag hetzelfde ritueel, dag in dag uit. Ze zijn dan ook allemaal te dik. De stoel wordt al naar gelang de activiteit in de juiste positie gemanoevreerd. Als ik op het knopje druk om de stoel rechtop te zetten om naar de WC te kunnen zet me dat even aan het denken. Deze businessclasszetel met gratis champagne, 3 superdiners, nachtsokken, oordopjes, ooglapje en andere toiletterie is de consumptiemaatschappij ten top.

 

Om 7:15 zit ik brak achter mijn kop koffie op het vliegveld van Kuala Lumpur. Ik dool twee uur besluiteloos rond, van vermoeidheid. Wel of geen ontbijt, wel of geen fles water (mag het in het vliegtuig?) wel of niet Ringgits pinnen? Om 9:45 zit ik weer in het vliegtuig en rond 15:00 vallen mijn ogen vanzelf dicht. Om weer open te schrikken omdat om 15:45 de landing wordt ingezet. De lenzen plakken tegen de oogleden. De landing is zacht, maar misselijkmakend. Dat heb ik nog nooit meegemaakt.

In Perth moet ik erg lang wachten, net als iedereen, om door de paspoort controle te komen, en daarna nog een keer door de ‘quartantine’ controle. Door al dat wachten word ik zenuwachtig: is anti-stress poeder van Dr. Vogel op basis van kruiden (kruiden, aarde etc.. is verboden)? Waarom heb ik dat überhaubt meegenomen. Dat mini-kerstboompje, zit daar aarde in? Ik vraag het alsnog, voor de quarantine check, en inderdaad: het kerstboompje komt er niet doorheen.

Buiten wacht me een muur van warmte. Het is 32 graden. Ik snuif de geur op. Ik kan ‘m niet echt plaatsen. Het is niet stoffig, niet de teergeur van Spanje, niet het vochtige van Turkije. Het doet me nog het meest aan Los Angeles denken. De geur is vriendelijk, maar wel warm. Zeker in mijn winterkleding. In een taxi van ‘Hughes Limo services’ word ik door Perth gereden, dat was allemaal al op voorhand besproken. De heuvelrug is veel geprononceerder dan ik gedacht had, dat doet goed! En wat een racefietsers, gewoon in wielertenue (opvallend veel vrouwen) !

 

Eerste indruk van City Centre Perth.

 

Eerste indruk van City Centre Perth.

 

Voorkant van appartementen/hotel complex. En uitzicht vanuit mijn balkon, op de 5de verdieping.

 

Woonkamer en keuken.

 

Slaapkamer en badkamer.

 

Keuken en woonkamer.

 

Ik beland in een behoorlijk luxe appartement, van alle gemakken voorzien. Er staat een welkomspakket klaar met de eerste behoeften. Zeer attent van Shell, of liever van het bureau dat zorg draagt voor mijn toekomstige woonadres. Het enige wat ontbreekt is een adapterstekker voor de Europeaan. Kennelijk heeft Australie zijn eigen stekkersysteem. Ik was voorbereid op de Commonwealth standaard, maar in Australie is het kennelijk toch weer anders. Bij de supermarkt is de adapter uitverkocht, nu er de DTI, deep water technology conference, talloze Europeanen aantrekt. Mijn hoofd draait, hoewel ik niet moe ben. Het lichaam heeft er duidelijk moeite mee dat er 7 uren ontbreken. Om tien uur lig ik in bed, en slaap bijna onmiddelijk. Tegen half vijf word ik wakker, klaar wakker. Het verbaasd me omdat ik de afgelopen 2 dagen nauwelijks geslapen heb. Buiten hoor ik een Yoda-achtig geluid. Eerst een paar opbouwende korte halen, afsluitend met een lange naar beneden zakkende roep, alsof het dier verbaasd is over de schoonheid van de ochtend. Het is zo prachtig dat ik op sta om er een geluidsopname van te maken. Het blijken ‘de irritante kraaien’ te zijn, maar vooralsnog voelt het geweldig door deze vogels wakker gemaakt te worden. En eigenlijk voelt het al een beetje als thuis.

 

www.cyclinggeologist.com/2009/200812/wakeupcall_long.avi

www.cyclinggeologist.com/2009/200812/wakeupcall_short.avi

 

De eerste dag is gevuld met het invullen van papieren, eerste afspraken en rondleiding langs veel mensen waarvan ik de namen al niet meer ken. Het uitzicht op de 28ste verdieping is verbluffend. (‘Je kunt hier toch geen werk gedaan krijgen met zo’n uitzicht... ’) “Je hebt wel de regen meegenomen”, klinkt het plagend. Het is vandaag 23 graden en dat is niet according to standards...

 

Uitzicht vanuit de 28ste.

 

Uitzicht vanuit de 28ste.

 

’s Avonds heb ik mijn eerste barbeque bij een Nederlandse collega, samen met een collega (n.b. een studiejaargenoot van mij) met haar vriend. Zijn huis is behoorlijk groot met een tuin en heeft er zelfs een zwembad inliggen. Perth heeft nu eenmaal de ruimte, mensen leven hier wat groter, zeker als je de Nederlandse steden gewend bent. Het is gezellig, en het voelt alles behalve als de andere kant van de wereld.

 

 

Morgen dag 1 van house-hunting... eens kijken wat voor paleizen er te krijgen zijn...