FriescheLeeuw (44K) WVDrachten (37K)

Als Jens Voigt over de finish


Een verslag van de Voorjaarscompetitie Drachten, Nederland, 17 maart 2007



De voorbereiding was optimaal. Ik was mobiel omdat ik met de auto kon, had zeeën van tijd omdat de wedstrijd pas om 13:00 zou beginnen en ik had goed geslapen. En rustpolsmeeting 's morgens van 42 gaf aan mijn lichaam helemaal uitgerust was. Het jammerende stemmetje van overbelasting was er nog wel, want waarom kreeg ik mijn hartslag niet boven de 170? Maar werd langzaam naar de achtergrond gedrukt. Ik zou vandaag toch gewoon met de groep mee moeten kunnen? Rond 10:45 vertrok met de auto naar Drachten. Van daar zou ik na de wedstrijd doorrijden naar het zuiden van het land om mijn moeder te bezoeken. Het weer zag er prima uit in Friesland, alleen de zwieperts die de auto te verduren kreeg verraadde dat er meer in de lucht zat dan het blauw en wit. In Drachten herkende ik de route naar de wielerbaan waar ik vorig jaar juni er genadeloos afgereden werd. Ook omdat ik met de fiets te laat vertrokken was uit Groningen en het overgrote deel tegen de klok had moeten rijden om nog op tijd te komen. Kortom, hele goede herinneringen had ik niet aan deze wielerbaan met zijn haakse bochten waar ik elke keer het contact dreigde te verliezen met het peloton omdat ik geen bochten kon rijden, en het tunneltje waar je bij het uitkomen letterlijk van de grond kwam omdat de snelheid zo hoog was. Om 11:30 zat ik op de fiets om me goed warm te rijden. De wind kwam uit de westen en stoempende fietsers kwamen me tegemoet terwijl ik freewheelend mijn beentempo zo hoog mogelijk probeerde te houden. Richting Bakkeveen deed ik wat tempo oefeningen om de spiertonus goed te krijgen. Je spieren hebben dat blijkbaar nodig, maar elke keer betrap ik me op de gedachte dat ik me wilde inhouden, me wilde sparen. Het zou toch zonde zijn als je energie verspilt vóór de wedstrijd. Maar als je het niet doet, dan kun je in de wedstrijd niet mee, omdat je spieren, hart en longen nog op zoek moeten naar hun tweede adem. En dat kost te veel tijd met het wedstrijdtempo en rijd je letterlijk een heel pijnlijke wedstrijd.

Ik zoefde langs een bordje 'Drachten 20km'. Twintig kilometer? Dan mocht ik wel eens omdraaien. Ik wilde niet wéér uitgeput aankomen omdat ik nu tegen de wind moest bikkelen om nog op tijd te komen. Het paste allemaal precies en ik was de laatste die mij inschreef. Hartslag voor de start: 105, dat zag er goed uit. Ik stond helemaal achteraan van een peloton van een man of 40. "Vooraan staan", dat leermoment had ik al gehad, maar ik was mening dat ik wel even naar voren zou rijden in de eerste ronde. Iets over één werden we weggeschoten.

IMG_6614 (71K)
Na ronde één zit de hartslag op 170, en daar word ik zowaar blij van. Zie je wel, niets overtraind, niets ziek-zwak-misselijk, gewoon een kwestie van harder rammen! Het enige nadeel dat ik observeer is dat ik met elk shirtje Memory kan spelen, en ik de enige eenling ben. Ik moet meezitten in een kopgroep met veel verschillende shirtjes anders zouden we nooit wegkomen. Na een ronde of 5 ben ik weer enigszins gewend aan het parkoers, maar in de haakse bochten laat ik meer gaten vallen dan anderen omdat ik takjes en andere siergevalletjes die van de bomen zijn gewaaid er glad uit vind zien op het vochtige wegdek. Maar met evenveel gemak rijd ik ze zelf dicht na de bocht. Gaandeweg worden die bochten wel beter.

IMG_6638 (64K)
De tactiek die ik mezelf had meegegeven is 'do-the-Jens-Voigt-thing'. Aanvallen dus, en zien wat je meekrijgt. Na het bochtige gedeelte maar vooral tegen de wind in sleur ik er een aantal keer flink aan. En niet op kant rijden zoals al die anderen doen, maar een waaier opzetten: laten zien dat je wilt rijden, hopen dat andere mensen het overnemen. Ergens moet het breken is mijn gedachte. En zo geschiedt: na een kwartier is er een groep van 15 los, en ik zit erin. Slechts twee Kannibalen maar wel (te) veel Friesche Leeuwen. Er wordt eendrachtig samengewerkt, en zo draaien we onze rondjes af. Ik voel geweldig, kan elke versnelling zittend in het zadel pareren. Het boeit me niet of er nu op kant gereden wordt of niet, ik kan toch wel mee. Alleen jammer dat mensen achter in de kopgroep in de gaten krijgen dat jij wel kopwerk doet en dan uiteraard een gaatje laten vallen. Maar ook daarover kan ik me niet druk maken. Gaandeweg wordt er weer meer op kant gereden op het stuk met de wind van linksvoor. Natuurlijk! Dan is het weer iedereen voor zich, en valt de kopgroep misschien nog verder uit elkaar! Of het toeval was of niet, maar een aantal ronden achterelkaar kwam ik op kop te zitten op dat stuk. Ik zet het hele spel een paar keer helemaal op de kant, en dat voelt asociaal maar hé: hier moeten de evolutionair sterken zich afscheiden, er is maar weinig plaats op de ark van Noach. Af en toe vallen er gaten, maar breken doet het niet.
Er zoeft een kilometerteller langs, waar ik 13:58 op kon lezen. Hoe lang duurt deze koers eigenlijk? Ik vraag maar eens rond maar tot mijn stomme verbazing weet niemand mij te vertellen wanneer het ongeveer afgelopen zou zijn. Op de website dacht ik gelezen te hebben dat het 5 kwartier zou zijn. Zou ik het 10 minuten alleen kunnen volhouden, en weg kunnen rijden uit deze kopgroep? Een paar ronden later proberen 3 shirtjes weg te komen. Er wordt halfslachtig gereageerd, maar ze worden wel teruggepakt. "D'r op en erover", dacht ik en sluip weg. Tempo langzaam opbouwen, in het zadel blijven zitten, niemand die het doorheeft dat je wegloopt. En zo geschiedt het! Ik ram door op het stuk wind tegen en ik heb een gaatje. Nu was de hamvraag, hoe lang zou ik dit nog moeten volhouden? Het kan toch niet veel langer dan 5 minuten zijn. Na een ronde of twee zie ik jury buiten staan. Ik vraag hem hoelang ik nog moet. "Laatste ronde", drukt hij me op het hart. Ik kijk achterom, en zie niemand. Nee maar, het zal toch niet? "Rammen, rammen, als je nu alles geeft kun je dat echt wel een ronde volhouden." Hartslag naar 183. "Door de bochten, naar het tunneltje, naar het tunneltje, volhouden tot het tunneltje, dan ben je er bijna. Snelheid maken en stampen naar de finish." Met ongeloof passeer ik finish, kom wel met de handen van het stuur, maar geloven kan ik helemaal niet. Heb ik hier nu echt elite renners naar huis gefietst? Ik bol uit en de kopgroep komt langs me heen. "Was jij gedubbeld?", vraag er een. Nee, natuurlijk niet. "Dat was de laatste ronde voor de gedubbelden".

IMG_6659 (62K)
Er is even kortsluiting in mijn hoofd. Kan die jury dat niet omroepen door een megafoon ofzo? Hoe moet ik dat nu weten, en waarom roept ie dat tegen mij? Ik forceer mezelf om aan te sluiten. Ik zal hier een uitslag rijden, zelfs als ik gedwarsboomd word door de falende jury. Een moment later roept de jury:"Nog een ronde", naar ons, als kopgroep. Nog een ronde, wat betekend dat? Nog een ronde en dan de laatste ronde, of is dit nu de laatste ronde? Een aantal van ons zit elkaar aan te kijken. Er heerst verwarring. Ik moet als eerste over die meet. Als dit niet de laatste ronde is, dan is de overwinning voor de sprinters, en ben ik kansloos. Een ander shirtje gaat aan en ik spring erachteraan. Op het stuk voor de finish, met wind tegen, wals ik eroverheen, en het shirtje achter me komt er niet meer overheen. De snelheid was niet denderend hoog, maar blijkbaar voldoende. Toch ben ik nu nog minder gerust op een goed afloop. De anderen naderen en rijden te hard langs me heen. Dit was dus ook niet de laatste ronde. Er is weer kortsluiting in mijn hoofd, maar weer sluit ik aan. Ik vervloek de jury, maar ik zal in de uitslag voorkomen. De benen voelen zwaar maar wuif dat weg met het argument dat dat zeker bij iedereen het geval zal zijn. Na een ronde of 2, 3, klinkt de bel. Ik zucht, natuurlijk, de bel, er is altijd een bel. Dat is duidelijk voor iedereen, hoe kapot ook, hoe leeggereden ook, iedereen kan een belgeluid nog wel horen en juist interpreteren. Het hele zooitje valt stil. Er wordt gewezen naar iemand die het gevaarlijkst zou moeten zijn. En warempel, nog geen 3 bochten later, gaat dat shirtje aan. Het is een machtige jump, waar mijn benen van zeggen dat dát niet meer mogelijk is. Of is het de geest die murw is geslagen door al het onrecht en vindt het dat dit alleen nog mogelijk was geweest als ik die krachten niet al verspild zou hebben? Waarschijnlijk het laatste, maar de overtuigingskracht is groot genoeg. Ik pas. Toch gaan anderen over me heen, en lift ik in een dieseltempo mee, meegezogen door de luchtverplaatsing. Het shirtje wordt in zijn kraag gegrepen en we denderen naar de finish. Mijn sprint mist overtuiging, ook omdat er al een stuk of wat voor me liggen, die ik niet meer in kan halen. Ik passeer er nog eentje, eentje passeert mij nog, en dan ik het gedaan. Eindelijk mag de druk van de pedalen af, en ik laat mijn hoofd hangen. Binnenin juicht een gevoel:"Mijn god, wat heb ik lekker en goed gereden. Ik kon doen wat ik wilde!". De buitenkant schudt nee:" Hier had zoveel meer ingezeten!" Maar al snel rijst de vraag: had ik het echt zolang alleen vol gehouden? Ik heb er mijn twijfels over.

IMG_6670 (59K)
"Zuur man, ik dacht echt dat je weg was", zegt een Friesche Leeuw, die uiteindelijk 4de wordt.
"Ja dat dacht ik ook." Na een stilte voeg ik er aan toe:"Maar wel lekker gefietst." Bij de finish ga ik verhaal halen bij de jury.
"Waarom roept u nu laatste ronde tegen me?"
"Dat doen we altijd voor de gedubbelden."
"Maar ik was vooruit, dat wist u toch zelf ook wel?"
"Ja, maar dat roepen we altijd een ronde lang, voor de gedubbelden."
Niets mee te beginnen, accepteren, de man stelt je staat om hier te koersen. Ik schud mijn hoofd, maar bedank hem oprecht voor de organisatie. We hebben ze maar al te hard nodig.

Het was een mooie wedstrijd, een mooie kopgroep, zware omstandigheden en erg goed benen. Volgende keer eerst maar eens het reglement kennen, en dat soort loze kreten van de jury negeren. En dan ooit als Jens Voigt over de finish.